De top-down ziekte: hoe ongezond leiderschap zich verspreidt door de organisatie
De directeur mailt om 20:00 uur. De manager antwoordt om 20:15. De teamleider ziet het de volgende ochtend en denkt: als zij zo laat nog werken, moet ik dat ook. Het gebeurt deze week. En de week erna. En de week daarna. Binnen drie maanden is de hele organisatie ’s avonds online. Niemand heeft het besloten. Niemand heeft het gevraagd. Het is gewoon zo gegroeid. Iedereen is moe. In deze blog vertelt Bram de Jongh, managing partner bij Van Altena & De Jongh, over hoe gedrag aan de top een hele organisatie kan besmetten en wat je er morgen al aan kunt veranderen.
Hoe gedrag naar beneden druppelt
Leiderschap is besmettelijk. De woorden die je zegt tellen, maar het gedrag dat je laat zien telt zwaarder. Als de directeur nooit een grens stelt, leert de organisatie dat grenzen stellen niet veilig is. Als de manager altijd bereikbaar is, wordt bereikbaarheid de onuitgesproken norm. Als de teamleider geen vakantiedagen opneemt, voelen medewerkers zich schuldig als zij dat wel doen.
Dit is geen bewuste keuze. Het is een systeem dat zichzelf versterkt. Gedrag aan de top wordt gekopieerd, versterkt en doorvertaald. Laag voor laag. Tot het de cultuur is geworden.
De signalen die je mist
Bij Van Altena & de Jongh zien we dit patroon regelmatig. In de spreekkamer komen de verhalen binnen die op managementniveau onzichtbaar blijven. Een afdeling waar vijf mensen kampen met spanningsklachten. Een team waar het verzuimpatroon steeds korter en frequenter wordt. Medewerkers die dezelfde frustratie benoemen over onduidelijke prioriteiten. Los van elkaar lijken het individuele klachten. Samen vertellen ze het verhaal van een organisatie die onder druk staat.
Een kanttekening: niet elk verzuim is een managementprobleem. Mensen worden ook gewoon ziek. Boven een bepaald verzuimpercentage verschuift het zwaartepunt echter. Dan zijn patronen vaak geen toeval meer, en verdient het de moeite om naar het systeem te kijken.
Drie patronen van ongezond leiderschap
1. De altijd-aan-cultuur
Bij een organisatie waar we werkten begon het met een MT-appgroep. Een directeur die af en toe ’s avonds een bericht stuurde, met de toevoeging “morgen is ook prima.” Managers reageerden meteen. Niet omdat het moest, maar omdat ze toch hun telefoon in de hand hadden. Binnen een paar weken was de appgroep ook ’s avonds actief. En binnen een paar maanden gold de ongeschreven regel: wie ’s avonds niet meeleest, mist dingen. De bedrijfsarts zag het terug in stijgende stressklachten bij medewerkers die helemaal niet in die appgroep zaten, maar wel werkten voor de managers die er wel in zaten.
Het mechanisme hierachter is simpel: mensen lezen status af aan gedrag, niet aan woorden. Als de leiding ’s avonds online is, is “morgen is ook prima” een boodschap die niemand gelooft. Het onuitgesproken signaal wint het altijd van de uitgesproken nuance.
2. De onbespreekbare werkdruk
Als de directeur trots vertelt over 60-urige werkweken, wie durft dan te zeggen dat het te veel is? Werkdruk wordt onbespreekbaar zodra de top het normaliseert. Wie klaagt over 45 uur als de directeur er 60 draait? Zo ontstaat een cultuur waarin iedereen te hard werkt en niemand het hardop zegt. Psychologische veiligheid begint bij het voorbeeld dat je geeft. Als kwetsbaarheid aan de top niet mag, mag het nergens.
3. Het negeren van signalen
Vaak niet uit onwil, maar uit onvermogen. Leiders die zelf onder druk staan, verliezen het zicht op hun omgeving. Ze zijn zo bezig met hun eigen agenda dat subtiele verschuivingen in het team onzichtbaar worden. De stille signalen van werkstress zijn subtiel. Een team dat minder samenwerkt. Iemand die vaker alleen luncht. De Inzichtscan maakt dit soort patronen zichtbaar voordat ze verzuim worden.
Vijf dingen die je deze week kunt doen
Stuur na 19:00 geen werkmail meer. Heb je iets te zeggen? Plan het in voor morgenochtend. Jouw avondmail is iemand anders’ stressbron.
Vraag in het eerstvolgende MT-overleg: wanneer hebben we voor het laatst eerlijk gepraat over onze eigen werkdruk?
Klap deze week als eerste je laptop dicht om 17:00. Loop het kantoor uit als signaal dat het mag.
Vraag je bedrijfsarts welke patronen hij of zij ziet. Vraag naar thema’s en afdelingen, niet naar individuele medewerkers.
Kijk naar wat je beloont, bewust of onbewust. Beloon je beschikbaarheid, of beloon je resultaat?
De spiegel aan de top
Ongezond leiderschap is zelden alleen een persoonsfout. Het wordt in stand gehouden door het systeem eromheen. Maar dat systeem verandert pas als de mensen bovenin bereid zijn hun eigen rol daarin te onderzoeken.
Wat doen wij aan de top dat het verzuim voedt?
Durf jij die vraag te stellen? We kijken graag met je mee.
Wellicht ook interessant
Voorbij het poortwachtersimago: de bedrijfsarts als partner
Het vak van bedrijfsarts loopt leeg. Ontdek hoe een andere werkwijze ruimte teruggeeft aan arts én organisatie.
Het taboe doorbreken: praten over thuissituaties zonder grenzen over te gaan
Je ziet dat er iets speelt, maar je aarzelt. Zo voer je het gesprek over thuissituaties zonder grens te overschrijden.
De mantelzorg-crisis: hoe ga je om met medewerkers die voor anderen zorgen?
Vijf miljoen Nederlanders zijn werkende mantelzorger. De meesten doen dat in stilte. Zo maak je het bespreekbaar.